Landschapsvisie Velt en Vecht

Aanleiding
Als een van de eerste waterschappen van Nederland bezint waterschap Velt en Vecht zich op de landschappelijke opgave. Nieuwe wetgeving en beleid bieden een nieuw kader voor water en RO opgaven, waarin iedere overheid inclusief het waterschap, haar eigen rol zal moeten invullen. Het waterschap kent daarin drie mogelijke rollen: uitvoeren van traditionele waterbeheertaken, volgend zijn en meewerken met de ruimtelijke agenda van andere partijen en zelf bouwen aan ruimtelijke kwaliteit. Het waterschap heeft daarom een eigen visie nodig, gericht op een bruikbaar, duurzaam en beleefbaar waterlandschap. Hiermee kan waterschap Velt en Vecht meer duidelijkheid bieden aan de burger en een volwaardige gesprekspartner zijn voor andere overheden en maatschappelijke organisaties.

De opgave
De landschapsvisie neemt het watersysteem als vertrekpunt (beken, sloten, kanalen en rivieren). De visie laat via ontwerpprincipes, kansenkaarten en inspirerende voorbeelden zien hoe vanuit het watersysteem kan worden gewerkt aan een landschap met ruimtelijke kwaliteit. De visie dient twee doelen:
• Ruimtelijke kwaliteit versterken door vorm te geven aan een hoogwaardige inrichting van het watersysteem.
• Positie kiezen in de maatschappelijke discussie over ruimtelijke kwaliteit en de rol van het Waterschap.

Proces
De landschapsvisie is door BVR in nauw overleg met de opdrachtgever en stakeholders gemaakt. Na een gebiedsverkenning in april 2009 is in de zomermaanden gewerkt aan de ‘toolbox’, de ontwerptechnische kant. Daarnaast is de ruimtelijke plan- en beleidsdynamiek in beeld gebracht (de ‘agenda’). Tijdens twee werkateliers met mensen van het waterschap en stakeholders is het verhaal aangescherpt. Parallel aan de einduitwerking is het gedachtegoed aangescherpt in het beekherstelproject Loodiep. Eind oktober is de conceptvisie afgerond. Eindresultaat is een wervende, rijk geïllustreerde visie. De consequente, ontwerpgerichte aanpak biedt een kader op het hoge schaalniveau en concrete handreikingen op het detailniveau. Met deze visie is waterschap Velt en Vecht een koploper in waterschapsland.

Uitwerking visie
Pas als iets in beweging komt kun je sturen. Dat geldt ook voor ruimtelijke ontwikkeling. Plandynamiek in een gebied kan de motor zijn voor landschapsversterking. De dynamiek in het beheergebied van Velt en Vecht is met een kansenkaart in beeld gebracht. Voor elk waterlandschap is daarmee een streefbeeld gemaakt met een pakkende titel: Groene stromen in het oude ontginningslandschap, Meanders in het Vechtdallandschap, Waterdragers in de jonge ontginningen, Watergrid van de veenontginningen, Waardevol water in stad en stadsrand, Verborgen water van bos, heide en stuifzand. Kansen op integrale ontwikkeling in het beheergebied van het waterschap zijn de opgaven in de stadsrand van Coevorden, de waterfrontontwikkeling van Ommen en Hardenberg, het creëren van kleinschalige landschappen in de randen van het Bargerveen, glastuinbouw en waterberging bij Klazienaveen, de aanpak van het Ommerkanaal, ecologische verbindingszones en landbouwkundige ontwikkelingen die samenvallen met de wateropgaven.
Hoe het landschap met deze plandynamiek, vanuit het watersysteem versterkt kan worden, wordt in de toolbox uiteengezet. Landschap versterken is streven naar een bruikbaar, duurzaam, en beleefbaar waterlandschap. Om dat te bereiken zijn ontwerpprincipes ontwikkeld op drie niveaus van het landschap: lagen, lijnen en locaties. Hiermee kan worden ontworpen aan een samenhangend gelaagd waterlandschap, verbindende waterlijnen en betekenisvolle waterlocaties. Per situatie is opschalen en inzoomen nodig om de passende vormgeving uit te werken. In de speciaal ontwikkelde toolbox staan gebiedskenmerken, ontwerpprincipes en voorbeelden per niveau beschreven om daarbij te helpen.
Bij de uitvoering van de visie zal waterschap Velt en Vecht de kansen moeten benutten waar wateropgaven en kansen ten aanzien van recreatie, natuur, cultuurhistorie, wonen en werken samenkomen. Het doorlopen van een goed planproces, gebruikmaken van wettelijke instrumenten en financiering zijn daarbij essentieel.